Ondanks dat mijn ouders eerder dreigden niet naar Noorwegen te zullen komen voordat ik hen ergens anders kon ontvangen dan in mijn hangmat is het er zowaar toch van gekomen. Dit had nog heel wat voeten in de aarde aangezien zowaar spontaan de ferry maatschappij failliet waar ze mee zouden komen failliet ging. Er zou eventueel een doorstart komen, of toch niet, of toch wel. Dit hield het spannend maar niet perse op een positieve manier…
Desalniettemin moet je nog vroeger opstaan dan ik al deed (zie vorige blog) om mijn ouders van hun plan af te brengen. Zodoende kwamen ze zoals ik in mijn laatste blog al beschreef slechts tien minuten voor mij aan in Oslo. Voor mijn vader was het 23 jaar geleden dat hij voet zette op Noorse grond en voor mijn moeder 17 jaar. Hoog tijd voor een nieuw bezoek aan het land waar ik mijn hart aan verpand heb kunnen we dus wel stellen:)))
Het idee was om vanuit Oslo een zuidwaartse trip te maken langs de kust. Dit na een uitstapje naar een gebied iets ten noorden van Oslo. Ik roep zoals wellicht bekend al heel lang dat ik (ooit) in een cabin in the woods wil gaan wonen en dat wil ik ook nog steeds, maar ergens had ik ook het plan opgevat om wellicht in een zogenaamd tiny house te gaan wonen. Ik dacht dat is misschien leuk als basis, want het is wel een soort van huis, maar je kan het alsnog verplaatsen, en dat spreekt me wel aan, aangezien ik niet meteen direct een idee heb waar ik het beste zou kunnen gaan wonen.
Je moet ergens beginnen dus ik ging, heel modern, maar eens online en zo vond ik op het Noorse equivalent van marktplaats zowaar een advertentie van iemand die tiny house spot aanbood in het zogenaamde Finnskogen. Dit is een uitgestrekt bosgebied op de grens met Zweden. Vorig jaar heb ik daar nog een (redelijk geslaagde) poging gedaan tot het maken van een lange afstandswandeling. Het leek me interessant om eens uit te checken, dus ik besloot om mijn ouders op sleeptouw te nemen en noordwaarts te togen. Als ik er nu zo over nadenk was het meer zo dat zij mij op sleeptouw namen, aangezien zij zo aardig waren geweest om een plekje vrij voor me vrij te houden in zowel hun auto als hun tent. Zelf bezit ik nog steeds weinig meer dan mijn backpack, dus dit waardeerde ik zeer. Ik lees overigens net in de krant dat minimalisme uit is en het trendy is om weer allerlei spullen om je heen te verzamelen, dus misschien moet ik er ook maar weer eens aan geloven.
Vanuit Oslo duurt het nooit lang of je bent weer in de fris en fruitige natuur. Na een uur of twee rijden veranderde het landschap van overwegend landbouw gebied in heel veel bomen, toch altijd een van mijn favoriete omgevingen. Her en der bevonden zich meren variërend in grootte van best wel klein tot behoorlijk groot.

Strandje 
Mijn ouders turend over een van de meren 
Cabin aan een meer
Aangekomen op de afgesproken plek werden we allereerst begroet door een hond en vervolgens door een jonge vrouw die het hek voor ons open deed nadat ze ons verzekerd had dat de hond echt niks deed. Ze vertelde dat zij en haar vriend er eerder dit jaar waren komen wonen en dat ze van plan waren om nooit meer ergens anders heen te gaan en dat ze wilden proberen om helemaal te gaan leven van de opbrengsten van de plek die ze hadden gekocht. Dit wilden ze doen door onder andere een moestuin aan te leggen, één van de ruimtes klaar te maken voor AirBnb verhuur, het verkopen van wol van hun speciale angora geiten en dus het verhuren van plekken voor tiny houses.

Op het terrein bevonden zich meerdere hele oude gebouwen 
Angorageiten 
Heel apart doprje wel 
oude gebouwen op het terrein
Het koppel was van plan om een soort van community te stichten, waarbij ze ook culturele evenementen wilden organiseren. Ik vond het wel leuk klinken eigenlijk, maaaaaar…. niet voor mij, haha. Ik kreeg het er ergens ook wel een beetje benauwd van, je wereld word dan wel heel klein. En dat is, zo kunnen we stellen, nou net zo’n beetje het tegenovergestelde van waar ik zelf van hou, dus: Leuk idee, maar nee:) Wel zeker interessant om gezien te hebben en ik zag ook echt de potentie. Maar goed, ik kan later altijd nog een tiny house in de tuin van een van mijn villa’s zetten, naast mijn parkeerplaats met mijn 5 verschillende soorten hummers en SUVs, en het gebruiken als opslag voor mijn serviescollectie ofzo. HAHA
We bedankten voor de rondleiding, keken nog even wat rond in het bijgelegen dorpje dat mij op een of andere manier meer Canadees aandeed dan Noors en gingen weer terug naar de camping. Op enkele campers na hadden we het veld zo een beetje voor ons alleen. Het was mooi weer, al was het ’s avonds wel ietwat frisjes, ach ja dekentje erbij en chillen met die billen ^^ Het was trouwens wel typisch dat de eerste wandeling die ik had uitgezocht om te gaan doen met mijn ouders al snel terecht kwam in een omgehakt bosgebied, precies van dat soort als waar ik doorgaans bomen tracht te planten. Vanuit wandelaars perspectief kan ik dit soort gebieden niet echt waarderen, want een gebied wordt er: 1. niet mooier op en 2. de wandelpaden veranderen soms in complete door zware machines omgeploegde modderwegen. Beetje jammer, maar goed, ook onderdeel van mijn wereld, he:)


Fraai gekapt bosgebied ahum 
hier staan gelukkig nog wel bomen

lekker wandelen door de modder op de omgeploegde akker 

Kongsberg 
heel veel bomen
Via een korte tussenstop in Kongsberg de dag erop reden we weer naar het iets warmere zuiden. We besloten om de de camping dicht bij Kragerø met een bezoekje te gaan vereren, zodat we vanuit daar een uitstapje zouden kunnen maken naar het mij wel bekende eiland Skåtøy, waar ik dus onder andere me een slag in de rondte gemaaid heb afgelopen zomer. De camping was mooi gelegen op een soort van schiereiland met voornamelijk bos, op zo’n vijf kilometer van het stadje af. Het was mooi weer en lekker rustig, in het naseizoen reizen heeft zeker zo zijn voordelen.


Stijl! 
even ontspannen:)
We besloten om ons bezoek aan Skåtøy te beperken tot een dagtrip, je moet het ook niet overdrijven, he:) In de ochtend namen we de ferry die door een populistische actie van een van de lokale partijen opeens gratis is sinds september en we besloten om meteen maar door te rijden naar de andere kant van het eiland. Lang duurt dit niet, want het eiland is slechts enkele kilometers lang. Onderweg kwamen we langs het huis van Wouter en ook langs zijn buurman, waar net ondersteboven een zojuist geslachte stier aan een tractor haak hing te bungelen.
Nadat we een beetje van hot naar her waren gereden, besloten we naar Wouter zijn toko te togen om aldaar koffie en lunch te nuttigen. Hij kwam net aangesjeesd met zijn handen onder het bloed en enkele stier onderdelen, zoals de tong en zijn staart. “Zonde om niet te gebruiken, toch”, zei hij. “Zeker”, zo beaamde mijn moeder en ze begonnen een geanimeerd gesprek over de geneugten van tongen. Toen we alles naar binnen gewerkt hadden stapten we maar weer eens op en namen de ferry terug naar het vaste land, waar we nog een drankje nuttigden alvorens terug te keren naar de camping.
Zoals al eerder gezegd cq geschreven is kragero een leuk levendig kuststadje met fraai gekleurde huizen. Vanwege heuvels rondom zijn er vanaf verschillende plekken mooie uitzichten, waarvan we dan ook een deel al dan niet onder enig protest van deze of gene aandeden in de dagen dat we er waren. Een impressie:

Buiten Kragero hebben we ook de kuststadjes Lillesand en Grimstad met een bezoekje vereerd. Beide plaatsen zijn net zoals Kragero en Skatoy heel populair in de zomer, met name onder Noorse toeristen.
Ook in het najaar zijn ze de moeite waard, en lekker rustig:) Het weer werd op een gegeven moment wel een beetje wisselvallig, maar eigenlijk was er geen een dag waarop het de hele dag regende, slechts hier en daar een (stevige) bui viel ons ten deel, en dan ook nog eens grotendeels gedurende de nacht. Nouja, en een klein beetje winderig was het ook zo af en toe:


We hielden de moed erin 
We besloten om de laatste nacht toch maar naar een AirBnb te verkassen, kamperen hoeft ook weer geen creperen te worden, je doet het immers over het algemeen toch voor je plezier. Wel hebben we voor die tijd nog de mij wel enigzins bekende stad Kristiansand bezocht. Een, vind ik, mooie plek aan de kust helemaal in het zuiden van noorwegen, met zo’n 86.000 inwoners. Gelukkig zat het weer mee, en ging het pas regenen toen we toch eigenlijk al weg wilden. We hebben een hele boel gewandeld onder een blauwe hemel. Ondersteunend beeldmateriaal:

Broccoli mocht natuurlijk ook niet ontbreken 
“Eet broccoli”, een spreuk recht uit het leven gegrepen
Op de avond voordat mijn ouders weer zouden vertrekken zijn we nog naar Lillesand geweest, alwaar we hebben rondgewandeld, weer NIET, ik herhaal NIET in de regen en we nog een vorkje hebben geprikt. Het was toch wel fijn om hierna naar de AirBnb terug te kunnen, en niet in een wapperende tent te hoeven zitten. de volgende dag ging ik mee naar Kristiansand om persoonlijk te checken of mijn ouders dit keer ook weer daadwerkelijk zouden kunnen vertrekken met de ferry, niks van dat soort dingen is meer zeker zo hebben we ondervonden, maar dit keer lukte het ze wel:

Ik ging hierna weer terug naar Skien, om nog heel even wat bomen de grond in te stampen. het werd meteen weer stralend weer, zal je altijd zien natuurlijk, naja wel fijn bij buiten werken natuurlijk. We hebben trouwens nog wel het noorderlicht gezien nota bene, en wel in de vorm van witte pilaren. Wel bijzonder, we zaten toch best wel ver zuid, al was de dag er na op het nieuws dat het in Noord-Brabant ook te zien was geweest. Maar goed, je weet het tegenwoordig toch allemaal niet meer wat je kunt verwachten of niet qua weer en andere natuurschrijnselen, verwacht het onverwachte, zeg ik altijd maar:P Nou, concluderend kan ik in ieder geval stellen dat ik het heel bijzonder en tevens ook erg leuk vond dat mijn ouders er waren en we samen enkele plekken van dit mooie land bezocht hebben. En hopelijk hebben zij dat ook zo ervaren natuurlijk:)















